Inhoud oefenen
Train de inhoud van ruimtelijke figuren, van balk tot bol, met de formules en stappen van de rekenmachines voor volume en cilinder.
Oefensessie
Wat je oefent
Je berekent hoeveel er in een lichaam past. Bijna elke formule is grondvlak × hoogte; lichamen met een punt krijgen er een ⅓ bij. Na een fout zie je of je de ⅓ vergat, de diameter als straal gebruikte, alleen het grondvlak uitrekende, of m³ verkeerd omrekende.
- Kubus, balk en prisma: grondvlak × hoogte.
- Piramide en kegel: ⅓ × grondvlak × hoogte.
- Cilinder: π r² h. Bol: ⁴⁄₃ π r³.
Niveaus en moeilijkheid
Niveau 1 vraagt kubussen en balken. Niveau 2 voegt prisma's en cilinders met een straal toe. Op niveau 3 komen piramides, kegels en cilinders met een diameter erbij, en op niveau 4 bollen en het omrekenen van m³ naar cm³. Toets-modus: een timer, geen hints en één samenvatting aan het eind.
Voorbeeld
Bereken de inhoud van een cilinder met diameter 6 cm en hoogte 10 cm.
- Eerst de straal: r = d ÷ 2 = 6 ÷ 2 = 3.
- Grondvlak: π × 3² = π × 9.
- Inhoud: V = π × 9 × 10 ≈ 282,74 cm³.
Antwoord: 282,74 cm³. Een kegel met dezelfde straal en hoogte heeft een derde daarvan.
Wat moet ik kennen
vmbo · wiskunde · WI/K/6 (6.2)
Meetkunde (6.2 schatten, meten en berekenen), onderdelen inhoud van kubus, kegel en bol, van een cilinder, en van balk, prisma en piramide · bron syllabus wiskunde vmbo 2027 (Examenblad)
Formulekaart
Printvriendelijk — gebruik Afdrukken in de browser.
- Prisma, balk, cilinder
- Cilinder
- Piramide, kegel
- Bol
Oefen ook met echte examenopgaven op Examenblad.nl. We hosten geen oude examens.
Veelgestelde vragen
Waarom krijgen een kegel en een piramide een ⅓?
Een kegel of piramide past precies drie keer in de cilinder of het prisma met hetzelfde grondvlak en dezelfde hoogte.
Hoeveel cm³ is 1 m³?
Een kubieke meter is 100 × 100 × 100 cm, dus 1 m³ = 1 000 000 cm³. Het getal 10 000 hoort bij m² naar cm².