Wiskunde vmbo

Hier staat wat de syllabus voor het centraal examen 2027 van wiskunde vmbo noemt, per exameneenheid. De syllabus geldt voor de basisberoepsgerichte leerweg (BB), de kaderberoepsgerichte leerweg (KB) en de gemengde en theoretische leerweg (GT). Waar de leerwegen verschillen, staat dat erbij. Bij elk onderdeel zie je of het op Wiskundehulp staat; de uitleg zelf staat op de pagina's waar de links naartoe gaan.

In alle drie de leerwegen horen WI/K/3 tot en met WI/K/6 bij het centraal examen. Bij GT komen de aanvullende eisen (WI/V/1) en ‘vaardigheden in samenhang’ (WI/V/4) daarbij. De syllabus zegt zelf: “Deze syllabus geldt voor het examenjaar 2027.” De officiële tekst lees je in de syllabus wiskunde vmbo 2027 op Examenblad.nl.

Ga je na het vmbo naar de havo? De kaarten voor wiskunde B havo en het verschil tussen wiskunde A en B helpen je kiezen.

Van de 32 onderdelen hieronder hebben er 17 een eigen pagina op Wiskundehulp. Alle formules staan samen op de formulepagina.

Exameneenheid WI/K/3 · Leervaardigheden in het vak wiskunde

Centraal examen in BB, KB en GT (bij GT heet dit ‘Vaardigheden in het vak wiskunde’). Deze vaardigheden worden getoetst samen met de andere exameneenheden.

  • WI/K/3 Vaardigheden. Gegevens uit een situatie in een wiskundig model zetten, informatie beoordelen en gebruiken, een passend rekenmodel kiezen, efficiënt rekenen en uitkomsten kritisch beoordelen, conclusies trekken en wiskundetaal gebruiken.

Exameneenheid WI/K/4 · Algebraïsche verbanden

Centraal examen in BB, KB en GT. Bij GT horen de aanvullende eisen (WI/V/1) ook bij het centraal examen.

  • 4.1 Verbanden kennen, herkennen en gebruiken. BB: lineaire verbanden met een tabel, grafiek en woordformule. KB en GT: daarnaast exponentiële verbanden, wortelverbanden, machtsverbanden, verbanden van de vorm y = a/x en periodieke verbanden. GT ook: y = ax + b, y = b · gᵗ, verdubbelings- en halveringstijd, rente op rente en amplitude, periode en frequentie.
    Op Wiskundehulp: lineaire verbanden (BB, KB, GT), exponentiële verbanden (KB, GT) (oefenen: exponentiële verbanden (KB, GT)). Nog niet op Wiskundehulp: wortel- en machtsverbanden (KB, GT), verbanden van de vorm y = a/x (KB, GT), periodieke verbanden (KB, GT).

  • 4.2 Tabellen. Tabellen maken, aflezen, vergelijken en interpreteren: regelmatigheden zien, grootste en kleinste waarden vinden en conclusies trekken over de situatie.
    Nog niet op Wiskundehulp: tabellen bij verbanden.

  • 4.3 Grafieken. Grafieken tekenen, aflezen, interpreteren en vergelijken: stijgen en dalen beschrijven, minima en maxima aflezen en het snijpunt van twee grafieken vinden en uitleggen.
    Op Wiskundehulp: een grafiek bij een formule bekijken. Nog niet op Wiskundehulp: grafieken aflezen en vergelijken.

  • 4.4 Werken met (woord)formules. Nagaan of een (woord)formule bij een situatie past en welke variabelen met elkaar samenhangen.
    Nog niet op Wiskundehulp: formules bij een situatie.

  • 4.5 Rekenen met (woord)formules. Een getal invullen in een (woord)formule en de uitkomst berekenen, en nagaan of twee formules hetzelfde verband beschrijven.
    Nog niet op Wiskundehulp: rekenen met formules.

  • 4.6 Voorstellingsvormen. Tabel, grafiek, formule en beschrijving in woorden aan elkaar koppelen en nagaan welke waarden in de situatie zinvol zijn.
    Nog niet op Wiskundehulp: tabel, grafiek en formule koppelen.

Exameneenheid WI/K/5 · Rekenen, meten en schatten

Centraal examen in BB, KB en GT.

  • 5.1 Handig rekenen in alledaagse situaties. Schatten, rekenen met gangbare maten zoals lengte, inhoud, geld en snelheid, voorvoegsels als kilo- en milli- gebruiken en passend afronden.
    Nog niet op Wiskundehulp: maten en afronden.

  • 5.2 Een rekenmachine gebruiken. Met een rekenmachine optellen, aftrekken, vermenigvuldigen en delen, en breuken, procenten, machten en wortels berekenen of benaderen.
    Op Wiskundehulp: de rekenmachine, machten en wortels, procenten (oefenen: procenten), breuken (oefenen: breuken).

  • 5.3 Meten en schatten. Gangbare maten en referentiematen gebruiken, uitkomsten vooraf schatten, schalen aflezen en iets zeggen over orde van grootte en nauwkeurigheid.
    Nog niet op Wiskundehulp: schatten en orde van grootte.

  • 5.4 Basistechnieken. Rekenen met breuken en negatieve getallen, verhoudingen vergelijken en omzetten in een breuk, decimaal getal of percentage, een verhoudingstabel gebruiken en de volgorde van bewerkingen toepassen. KB en GT ook: de wetenschappelijke notatie.
    Op Wiskundehulp: breuken (oefenen: breuken), verhoudingen en percentages (oefenen: verhoudingen en percentages), volgorde van bewerkingen. Nog niet op Wiskundehulp: negatieve getallen, wetenschappelijke notatie (KB, GT).

Exameneenheid WI/K/6 · Meetkunde

Centraal examen in BB, KB en GT.

Alleen schoolexamen

WI/K/1 Oriëntatie op leren en werken, WI/K/2 Basisvaardigheden, WI/K/7 Informatieverwerking, statistiek en WI/K/8 Geïntegreerde wiskundige activiteiten horen in alle leerwegen alleen bij het schoolexamen; bij GT ook WI/V/2 en WI/V/3. Wat daarin zit, staat niet in deze syllabus maar in de handreikingen van SLO.