Afronden oefenen

Train afronden op decimalen, tientallen en significante cijfers, met dezelfde stappen als de rekenmachine. Wil je een getal eerst stap voor stap zien afronden? Gebruik de afrondrekenmachine. Kommagetallen die je moet afronden krijg je ook bij oppervlakte oefenen en inhoud oefenen. Ook een wortel die niet uitkomt rond je af, zoals √2 ≈ 1,41: dat train je bij machten en wortels oefenen.

Oefensessie

Voorbeeldopgaven met uitwerking

6 uitgewerkte opgaven over afronden, twee per niveau (vmbo, havo, vwo). Ze komen uit dezelfde generator als de oefensessie hierboven, dus de stappen zijn dezelfde als in de sessie.

vmbo

Opgave 1. Rond af 19,6948 op 0 decimalen?

Uitwerking
  1. Vraag Rond 19,6948 af op 0 decimalen.
  2. Kijkcijfer Vermenigvuldig met 1: 19,6948. Rond af op een geheel getal (halve afronden van 0 af), deel weer terug.
  3. Afgerond 19,6948 → 20

Antwoord: 20

Opgave 2. Rond af 226 op honderdtallen?

Uitwerking
  1. Vraag Rond 226 af op 100-tallen.
  2. Delen 226 ÷ 100 = 2,26
  3. Afronden en terug Afgerond op geheel: 2. × 100 = 200.

Antwoord: 200

havo

Opgave 3. Rond 12,3183 af op 2 decimalen.

Uitwerking
  1. Vraag Rond 12,3183 af op 2 decimalen.
  2. Kijkcijfer Vermenigvuldig met 100: 1.231,83. Rond af op een geheel getal (halve afronden van 0 af), deel weer terug.
  3. Afgerond 12,3183 → 12,32

Antwoord: 12,32

Opgave 4. Rond 1.607 af op duizendtallen.

Uitwerking
  1. Vraag Rond 1.607 af op 1.000-tallen.
  2. Delen 1.607 ÷ 1.000 = 1,607
  3. Afronden en terug Afgerond op geheel: 2. × 1.000 = 2.000.

Antwoord: 2.000

vwo

Opgave 5. Rond 6.863 af op duizendtallen.

Uitwerking
  1. Vraag Rond 6.863 af op 1.000-tallen.
  2. Delen 6.863 ÷ 1.000 = 6,863
  3. Afronden en terug Afgerond op geheel: 7. × 1.000 = 7.000.

Antwoord: 7.000

Opgave 6. Rond 2.839 af op duizendtallen.

Uitwerking
  1. Vraag Rond 2.839 af op 1.000-tallen.
  2. Delen 2.839 ÷ 1.000 = 2,839
  3. Afronden en terug Afgerond op geheel: 3. × 1.000 = 3.000.

Antwoord: 3.000

Wat je oefent

Je krijgt een getal en rondt het af op decimalen, op tientallen (of honderdtallen), of op significante cijfers. Na elk antwoord zie je de stappen. Gaat het mis, dan krijg je te zien of je waarschijnlijk hebt afgekapt, op de verkeerde plaats hebt afgerond, of decimalen met significante cijfers hebt verwisseld.

  • Decimalen: kijk naar het cijfer rechts van de gewenste plaats.
  • Tientallen: deel door 10 (of 100), rond af, vermenigvuldig terug.
  • Significante cijfers: tel vanaf het eerste cijfer dat geen 0 is.

Niveaus en moeilijkheid

Op niveau 1 rond je vooral op decimalen af. Daarna komen tientallen en significante cijfers erbij. Vijf goed op rij maakt het een stap moeilijker; twee of minder van de vijf maakt het makkelijker, met uitleg erbij. Toets-modus: een timer, geen hints en één samenvatting aan het eind.

Voorbeeld

Rond 847 af op tientallen.

  1. Deel: 847 ÷ 10 = 84,7.
  2. Rond af op een geheel getal: 85.
  3. Vermenigvuldig terug: 85 × 10 = 850.

Antwoord: 850. Afkappen tot 840 is een veelgemaakte fout.

Wat moet ik kennen

De vmbo-syllabus 2027 noemt passend afronden bij WI/K/5. Wiskunde A havo 2027 noemt breuken, decimalen en afronden bij B1.

Formulekaart

Printvriendelijk — gebruik Afdrukken in de browser.

  • Kijkcijfer

    Cijfer rechts van de afrondplaats: ≥ 5 omhoog, anders laten staan.

  • Tientallen x→rond(x÷10)×10

Oefen ook met echte examenopgaven op Examenblad.nl. We hosten geen oude examens.

Veelgestelde vragen

Wat oefen ik bij afronden?

Afronden op decimalen, op tientallen of honderdtallen, en op significante cijfers. De stappen komen uit dezelfde rekenmachine als op afronden.

Waarom krijg ik soms uitleg over afkappen?

Afkappen gooit cijfers weg zonder naar het volgende cijfer te kijken. Afronden gebruikt dat kijkcijfer: 5 of hoger betekent omhoog.